Lijst met pokertermen en -definities

Essentiële poker termen voor spelers in België
Poker is een kaartspel met een rijke geschiedenis en een indrukwekkend aantal variaties. Om een bekwame pokerspeler te worden, moet je niet alleen de spelregels onder de knie krijgen, maar ook het specifieke jargon beheersen. In de Belgische pokercommunity, zowel online als in de casino's van Namen of Brussel, is het gebruik van de juiste terminologie de standaard.
Dit artikel biedt een uitgebreide lijst van poker termen en definities. Deze gids helpt zowel beginners als ervaren spelers in België om hun begrip van het spel te verdiepen. Of je nu een vriendschappelijk spel speelt, deelneemt aan een online toernooi of aanschuift bij een high-stakes tafel, een goede kennis van de poker begrippen geeft je een aanzienlijk voordeel.
Uitgebreide poker woordenlijst: Van Ante tot Wheel
In de onderstaande lijst vind je de meest voorkomende termen die je aan de pokertafel zult horen. Hoewel de termen vaak in het Engels worden uitgesproken, is de uitleg volledig afgestemd op de Nederlandstalige speler.
- Ante - Een kleine, verplichte inzet die alle spelers in de pot moeten leggen voordat de kaarten worden gedeeld.
- All-In - Wanneer een speler al zijn resterende fiches inzet tijdens een hand.
- Action - Verwijst naar het inzetten en verhogen (betting and raising) dat plaatsvindt tijdens een hand.
- Bluff - Een inzet of verhoging doen met een zwakke hand in de hoop dat je tegenstanders hun kaarten weggooien (folden).
- Bad beat - Wanneer een speler met een zeer sterke hand verliest van een speler met een zwakkere hand door puur geluk bij de laatste kaarten.
- Bankroll - Het totale bedrag dat een speler specifiek opzij heeft gezet om poker te spelen.
- Bet - Een bedrag dat wordt ingezet tijdens een hand.
- Big blind - Een verplichte inzet door de speler links van de small blind in bepaalde verschillende soorten pokerspellen.
- Blind - Een gedwongen inzet door één of twee spelers aan het begin van elke hand.
- Button - Een kleine schijf of marker die de positie van de dealer aan de pokertafel aangeeft.
- Call - Meegaan met een inzet die door een andere speler is gedaan.
- Check - Passen tijdens een inzetronde zonder zelf fiches in te zetten, mits er nog niet is ingezet door anderen.
- Community cards - De gemeenschappelijke kaarten die open op tafel liggen en door alle spelers gebruikt mogen worden.
- Check-raise - Eerst checken en vervolgens verhogen nadat een andere speler heeft ingezet.
- Draw - Een hand waarbij een speler probeert zijn combinatie te verbeteren door extra kaarten te trekken of te wachten op de volgende gemeenschappelijke kaarten.
- Drop - Een andere term voor folden of het opgeven van je hand.
- Early position - De positie van de speler die als een van de eersten moet handelen in een inzetronde.
- Exposed card - Een kaart die per ongeluk zichtbaar wordt tijdens het delen of tijdens het spel.
- Edge - Een klein strategisch voordeel dat een speler heeft ten opzichte van zijn tegenstanders.
- Flop - De eerste drie gemeenschappelijke kaarten die open op tafel worden gelegd in spellen zoals Texas Hold'em.
- Fold - Je hand opgeven en stoppen met deelname aan de huidige ronde.
- Full House - Een pokerhand bestaande uit Three of a Kind en een Pair.
- Flush - Een hand bestaande uit vijf kaarten van dezelfde kleur of symbool (bijv. vijf harten).
- Gutshot - Een straight draw waarbij een speler één specifieke kaart in het midden van de reeks nodig heeft, zoals een 9 nodig hebben bij een 7-8 en J-Q.
- Heads Up - Een spelvorm waarbij slechts twee spelers het tegen elkaar opnemen.
- Hole Cards - De kaarten die aan het begin van elke ronde gedekt aan elke speler worden gedeeld.
- Jackpot - Een speciale bonusuitbetaling voor het behalen van een zeer zeldzame hand, zoals een Royal Flush.
- Jam - Een informele term voor all-in gaan tijdens een hand.
- Kicker - Een kaart die niet direct deel uitmaakt van de handcombinatie, maar wordt gebruikt om een gelijkspel tussen twee spelers met dezelfde handwaarde te beslissen.
- Knockout tournament - Een toernooivorm waarbij elke speler een premie (bounty) op zijn hoofd heeft; wie de speler uitschakelt, ontvangt de premie.
- Laydown - Het folden van een hand, vaak een sterke hand, na een grote inzet of verhoging van een tegenstander.
- Limit - Een inzetstructuur waarbij er een vaste maximale inzetgrootte is en een beperkt aantal verhogingen per ronde.
- Lowball - Een type poker waarbij de laagste hand wint, zoals bij 2-7 Triple Draw.
- Main pot - De primaire pot in een hand, gecreëerd wanneer een speler all-in gaat en latere inzetten niet meer kan evenaren.
- Monster - Een extreem sterke hand, zoals een Full House of beter.
- No-Limit - Een inzetstructuur zonder maximale inzet; spelers kunnen op elk moment al hun fiches inzetten.
- Nuts - De best mogelijke hand op een specifiek moment in het spel.
- Nut low - In high-low split games, de best mogelijke lage hand.
- Nine-handed - Een pokerspel of tafel met negen actieve spelers.
- Offsuit - Kaarten van verschillende symbolen, zoals een harten koning en een schoppen vrouw.
- Open-ended straight draw - Een hand die één van twee mogelijke kaarten nodig heeft voor een straat, zoals 7-8-9-10 (een 6 of een J maakt de straat compleet).
- Out - Een kaart die de hand van een speler kan verbeteren en mogelijk de pot kan doen winnen.
- Overlay - Een pokertoernooi waarbij de totale prijzenpot groter is dan de som van de buy-ins van alle spelers.
- Overpair - Een pocket pair dat hoger is dan de hoogste kaart op de flop.
- Pot - Het totale bedrag aan fiches of geld dat tijdens een hand kan worden gewonnen.
- Pocket cards - De twee gedekte kaarten die een speler krijgt bij Texas Hold'em.
- Position - De plek van een speler aan de tafel ten opzichte van de dealer, wat de volgorde van inzetten bepaalt.
- Pot-limit - Een inzetstructuur waarbij de maximale inzet gelijk is aan de huidige grootte van de pot.
- Preflop - De fase van het spel voordat de flop wordt gedeeld, wanneer spelers alleen hun pocket cards hebben.
- Pair - Twee kaarten van dezelfde rang, zoals twee boeren of twee zessen.
- Raise - De huidige inzet verhogen om in het spel te blijven en de druk op tegenstanders te vergroten.
- River - De vijfde en laatste gemeenschappelijke kaart die wordt gedeeld bij Texas Hold'em en Omaha.
- Rebuy - De optie in een toernooi om opnieuw fiches te kopen nadat je bent uitgeschakeld.
- Round of betting - Een volledige inzetronde die meestal begint bij de speler links van de dealer of de blinds.
- Royal flush - De hoogst mogelijke hand in poker: A-K-Q-J-10 van hetzelfde symbool.
- Showdown - De laatste fase van een hand waarin de overgebleven spelers hun kaarten tonen om de winnaar te bepalen.
- Small blind - De verplichte inzet geplaatst door de speler direct links van de dealer.
- Split pot - Een pot die gelijkelijk wordt verdeeld tussen twee of meer spelers met een gelijkwaardige hand.
- Straddle - Een vrijwillige inzet door de speler links van de big blind voordat de kaarten zijn gedeeld, meestal het dubbele van de big blind.
- Straight - Een hand bestaande uit vijf opeenvolgende kaarten, zoals 4-5-6-7-8.
- Trips - Three of a Kind gemaakt met één kaart uit de hand en twee kaarten van het bord.
- Turn - De vierde gemeenschappelijke kaart bij Texas Hold'em, open gedeeld na de flop.
- Table stakes - Een regel die bepaalt dat spelers alleen kunnen inzetten met de fiches die ze aan het begin van de hand op tafel hadden liggen.
- Under the gun - De positie van de speler die als eerste moet handelen, direct links van de big blind.
- Underdog - Een hand of speler die statistisch gezien minder kans heeft om de pot te winnen.
- Upcard - Een kaart die open wordt gedeeld in een spel zoals Stud Poker.
- Value bet - Een inzet gedaan met een sterke hand om extra fiches te winnen van tegenstanders met zwakkere handen.
- Wheel - De laagst mogelijke straat, bestaande uit A-2-3-4-5.
Waarom kennis van poker begrippen je winkansen vergroot
Voor beginners in België zijn er veel termen en definities om te leren. Zonder deze basiskennis is het echter lastig om succesvol te zijn aan de pokertafel. De meest cruciale termen om direct te onthouden zijn "ante", "bet", "check", "raise", "fold" en "pot". Daarnaast zijn er specifieke termen verbonden aan populaire varianten, zoals de "flop" bij Texas Hold'em of "lowball" bij 2-7 Triple Draw.
Een van de belangrijkste concepten is "position". Dit verwijst naar je plek aan de tafel ten opzichte van de dealer. Het begrijpen van je positie is essentieel voor je strategie bij het inzetten en bluffen. Door deze termen te beheersen, kun je met meer zelfvertrouwen deelnemen aan het spel en betere beslissingen nemen tijdens elke inzetronde.
FAQ
Wat zijn pokertermen?
Pokertermen zijn specifieke woorden en uitdrukkingen die binnen het pokerspel worden gebruikt om verschillende aspecten van het spel te beschrijven. Dit omvat termen voor de kaarten, de verschillende soorten inzetten, de acties van spelers en strategische concepten die essentieel zijn voor zowel beginners als gevorderde spelers in België.
Wat is een straddle in de basis van poker?
In poker is een straddle een optionele blind-inzet die wordt geplaatst door de speler direct links van de big blind, nog voordat de kaarten zijn gedeeld. In Belgische pokerrooms is de straddle meestal twee keer de waarde van de big blind; het verdubbelt effectief de inzet voor die hand en geeft de straddler het voordeel om als laatste te mogen handelen in de pre-flop ronde.
Wat is de definitie van equity bij poker?
Equity in poker verwijst naar het percentage van de pot waar een speler op de lange termijn recht op heeft, gebaseerd op de huidige hand en de resterende kaarten die nog moeten komen. Het is een essentieel concept voor spelers in België om te berekenen hoe winstgevend een bepaalde beslissing is op basis van hun winstkans.
Wat betekent ICM in pokertermen?
ICM staat voor Independent Chip Model, een wiskundig model dat wordt gebruikt om de werkelijke geldwaarde van de fiches van een speler in een toernooi te berekenen. Hierbij wordt rekening gehouden met de prijzenpot en het aantal resterende spelers. Belgische toernooispelers gebruiken het ICM-model om de optimale strategie te bepalen, aangezien de waarde van fiches in een toernooi anders is dan in een cashgame.


